**1.** Dienstreizen worden in beginsel met het openbaar vervoer gemaakt. Indien het reizen per openbaar vervoer niet doelmatig is, wordt gebruik gemaakt van een dienstauto. Indien een dienstauto niet beschikbaar is, kan het bevoegde gezag toestemming verlenen voor het gebruik van een eigen motorvoertuig.
**2.** Een dienstreis die per motorvoertuig buiten de provincie Groningen wordt ondernomen, zonder dat daartoe toestemming door het bestuursorgaan is verleend, komt niet voor vergoeding in aanmerking.
**3.** Het bestuursorgaan kan voor dienstreizen binnen de provinciegrenzen die naar zijn oordeel niet op doelmatige wijze met het openbaar vervoer kunnen worden gemaakt, toestemming verlenen voor het gebruik van een eigen motorvoertuig.
**4.** Voor de dienstreizen per trein worden door de provincie treinkaarten eerste klasse verstrekt en kunnen geen treinkosten worden gedeclareerd, behoudens het bepaalde in het vijfde en zesde lid.
Als, ingevolge het zevende lid, gebruik moet worden gemaakt van de trein-taxi, wordt de trein-taxi kaart door de provincie verstrekt en kunnen geen taxikosten worden gedeclareerd.
**5.** Als voor de dienstreis per trein gebruik wordt gemaakt van een eigen NS-jaarkaart, NS-kortingkaart of OV-jaarkaart kunnen de kosten van de treinreis worden vergoed tegen het tarief van een plaatsbewijs, dat de provincie voor dat traject zou hebben moeten betalen.
**6.** Als het een onverwachte dienstreis per trein betreft, waardoor de gelegenheid ontbreekt om gebruik te maken van de door de provincie beschikbaar gestelde treinkaarten, kunnen de kos-ten worden vergoed op basis van het tarief van de eerste klasse.
**7.** Als naar het oordeel van het bestuursorgaan het dienstbelang er mee gebaat is dat tijdens een dienstreis naast het vervoer per trein gebruik wordt gemaakt van een taxi, worden de aan dat taxigebruik verbonden kosten op vertoon van bewijsstukken vergoed, behoudens in het geval door de provincie trein-taxi kaarten kunnen worden verstrekt.
Hoofdstuk
Artikel 5