Naar hoofdinhoud
1. Ingeval van ziekte wordt de maand waarin de verhindering wegens ziekte is ontstaan het rooster van onregelmatige dienst c.q. het rooster van gebondenheid doorgeschreven en vervolgens vindt doorbetaling plaats op basis van het gemiddelde van de desbetreffende roosters van de laatste drie maanden. 2. Wanneer de ambtenaar nog geen drie maanden in dienst is geweest, wordt gerekend met het gemiddelde aan onregelmatige dienst c.q. gebondenheid van het tijdvak waarin hij in dienstbetrekking was. 3. De ambtenaar die wegens ziekte verhinderd is zijn arbeid te verrichten, behoudt gedurende de kalendermaand waarin de ziekte is ontstaan en de daaropvolgende maand aanspraak op de vergoedingsbedragen als bedoeld in de artikelen 5 en 6.

Rechtspraak bij dit artikel