Naar hoofdinhoud

Artikel 10.

Voorziening voor oninbare vorderingen

Onderdeel van Financiële verordening Uitgeest 2017

1.. Voor de vorderingen op verbonden partijen en derden wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van een individuele beoordeling op inbaarheid van de openstaande vorderingen. 2.. Voor openstaande vorderingen betreffende: onroerende zaakbelasting eigenaren; precariobelasting; hondenbelasting; parkeerbelasting; rioolheffing; afvalstoffenheffing; en bijstandsvertrekking, 2.. wordt, met uitzondering van individuele vorderingen groter dan € 5.000,-, een voorziening wegens oninbaarheid gevormd ter grootte van het historische percentage van oninbaarheid.

Rechtspraak bij dit artikel