**1..** Voor de berekening van de precariobelasting wordt een gedeelte van
een in de tarieventabel genoemde eenheid van tijd, hoeveelheid of
afmeting als een volle eenheid gerekend, tenzij anders is
aangegeven.
**2..** Indien de belastingplicht in de loop van het jaar aanvangt wordt de
precariobelasting, waarvoor in de tarieventabel uitsluitend
jaartarieven zijn opgenomen, geheven over zoveel twaalfde gedeelten
als na de aanvang van de belastingplicht nog volle kalendermaanden
in dat jaar overblijven.
**3..** Indien de belastingplicht in de loop van het jaar eindigt wordt, ten
aanzien van de precariobelasting waarvoor in de tarieventabel
uitsluitend jaartarieven zijn opgenomen, ontheffing verleend over
zoveel twaalfde gedeelten als na de beëindiging van de
belastingplicht nog volle kalendermaanden in dat jaar
overblijven.
**4..** Voor de berekening van de belasting worden geen andere eenheden van
tijd gehanteerd dan die welke in de tarieventabel zijn vermeld. Ten
aanzien van de nummers in de tabel achter welke meer dan één eenheid
is opgenomen wordt uitgegaan van voor de belastingplichtige meest
gunstige wijze van berekening van de belasting.
**5..** Indien een oppervlaktetarief is vastgesteld wordt de
precariobelasting berekend naar de oppervlakte van de horizontale
projectie van de voorwerpen, tenzij anders is bepaald.
**6..** Indien voor het hebben van voorwerpen een vergunning verleend is,
wordt voor de berekening van de precariobelasting aangesloten bij de
maateenheid waarvoor de vergunning verleend is.
**7..** Indien niet of niet volledig gebruik gemaakt wordt van de vergunning
kan ontheffing verleend worden voor zoveel gedeelten van de vergunde
maateenheid waarvan geen gebruik gemaakt is.
**8..** Het zevende lid is niet van toepassing op nummers 5 en 7.5 van de
tarieventabel.
Artikel 5
Berekening van de precariobelasting
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2017