Naar hoofdinhoud
1.. Een bewonersvergunning kan worden verleend aan een aanvrager, die in de Basisregistratie Personen (BRP) ingeschreven staat in de zone waarvoor de vergunning wordt verstrekt. 2.. In afwijking van het eerste lid kan een vergunning worden verstrekt aan personen die niet ingeschreven staan in de Basisregistratie Personen (BRP) in de volgende gevallen: Verhuizing: indien de aanvrager verhuist en tijdelijk twee woonadressen heeft, maar nog niet op het nieuwe woonadres staat ingeschreven bij de BRP. Er wordt eenmalig een vergunning op het nieuwe woonadres verleend voor maximaal 6 maanden, indien de aanvrager met een koop- of huurcontract het nieuwe woonadres kan aantonen. Tijdelijke bewoning: indien de aanvrager beschikt over een geldig arbeidscontract, tijdelijk in Rijswijk woont en werkt en niet wordt ingeschreven in de BRP. Er wordt een vergunning verleend voor maximaal 12 maanden. Tweede woning: indien de aanvrager kan aantonen met en koop- of huurcontract dat hij op het betreffende adres een tweede woning in gebruik heeft. Naast vermelde stukken kunnen andere bewijsstukken (waaronder een besluit onttrekking aan de woningvoorraad) worden verlangd. 3.. Een bewonersvergunning op grond van artikel 6.2 lid 2 kan niet worden verleend indien op het betreffende adres reeds een vergunning is verleend aan een persoon die ingeschreven staat in het BRP, niet zijnde uw geregistreerde partner. 4.. Een bewonersvergunning kan worden verleend aan een aanvrager als: de aanvrager kentekenhouder is van het motorvoertuig waarvoor de vergunning is aangevraagd, of; de aanvrager een motorvoertuig gebruikt van het bedrijf waarbij hij in loondienst is en waarbij het motorvoertuig op naam staat van het bedrijf dan wel sprake is van een leaseovereenkomst op naam van het bedrijf, aanvrager overlegt hiertoe een verklaring van de werkgever over het gebruik van een bedrijfsauto; de aanvrager feitelijk gebruiker is van een motorvoertuig dat van een autoverhuurbedrijf is gehuurd of geleaset; de aanvrager op contractuele basis het voertuig deelt en ingeschreven staat bij de Vereniging voor Gedeeld Autogebruik; aanvrager overlegt hiertoe een verklaring Vereniging voor Gedeeld Autogebruik en een contract tussen de autodelers. 5.. De houder van een bewonersvergunning kan maximaal vier keer per jaar een kentekenwijziging doorgeven. Indien het een wijziging betreft ten behoeve van een voertuig dat niet op naam staat van de vergunninghouder bedraagt de maximumduur van de wijziging telkens vier weken. Een kentekenwijziging dient door de vergunninghouder te worden opgegeven. 6.. Van het 5e lid kan door het college van burgemeester en wethouders worden afgeweken indien de vergunninghouder door middel van een lease- en/of werkgeversverklaring kan aantonen dat hij vanwege zijn werkzaamheden gebruik moet maken van verschillende voertuigen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel