Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Afdeling 2.4

Artikel 9.1

Algemene voorwaarden functionele vergunningen

Onderdeel van Nadere regels te stellen voor het gebruik van parkeerplaatsen en het aanvragen en verlenen van een parkeervergunning

1.. Een functionele vergunning kan worden verleend aan een aanvrager als: De aanvrager kentekenhouder is van het motorvoertuig waarvoor de vergunning is aangevraagd, of; de aanvrager feitelijk gebruiker is van een motorvoertuig dat van een autoverhuurbedrijf is gehuurd of geleaset, of; de aanvrager op contractuele basis het voertuig deelt en ingeschreven staat bij de Vereniging voor Gedeeld Autogebruik. 2.. In afwijking van het eerste lid, wordt een vergunning verleend, indien wordt aangetoond dat de kentekenhouder van het motorvoertuig, waarvoor de aanvrager/ het bedrijf een vergunning aanvraagt, in loondienst is bij dat bedrijf. 3.. Een functionele vergunning mag uitsluitend worden gebruikt in het kader van de uitvoering van de taak ten behoeve waarvan de vergunning is verstrekt. 4.. Het college kan aan een functionele vergunning voorschriften en beperkingen verbinden die strekken tot bescherming van het belang van een goede verdeling van de beschikbare parkeerruimte. Het gaat onder andere om beperkingen met betrekking tot de te gebruiken parkeerplaatsen de tijdstippen waarop de vergunning van kracht is of het aantal keer per jaar dat een kentekenwijzing wordt doorgevoerd. 5.. Een functionele vergunning kan worden aangevraagd door iemand die bevoegd is om namens betreffende organisatie een aanvraag in te dienen.

Rechtspraak bij dit artikel