Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3.

Artikel 11A

Boetebepaling bestuurlijke boete

Onderdeel van Verordening op de incidentele private markten voor de gemeente Den Haag 2017

1.. Overtreding door een natuurlijke of rechtspersoon van het bij of krachtens de artikelen 5, 6, 10 en 12A bepaalde kan worden beboet met een bestuurlijke boete. 2.. Bij overtreding door een natuurlijke persoon van een voorschrift als genoemd in de bijlage bij dit artikel, is de hoogte van de bestuurlijke boete gelijk aan het bedrag dat in de bijlage is vermeld bij het desbetreffende voorschrift. 3.. Bij overtreding door een rechtspersoon van een voorschrift als genoemd in de bijlage bij dit artikel, wordt de hoogte van de bestuurlijke boete die geldt voor een natuurlijke persoon vermenigvuldigd met de factor twee. 4.. De op te leggen bestuurlijke boete wordt verhoogd met 100% van het boetebedrag, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dag van constatering van de overtreding een eerdere overtreding, bestaande uit eenzelfde gedraging, is geconstateerd en de bestuurlijke boete voor de eerdere overtreding onherroepelijk is geworden. 5.. Indien het boetebedrag als bedoeld in het derde of vierde lid, hoger is dan het wettelijk maximum boetebedrag als bedoeld in artikel 154b, zesde lid, van de Gemeentewet, geldt het wettelijk maximum boetebedrag.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel