Het havengeld wordt niet geheven wegens:
vaartuigen, eigendom van, in gebruik bij of ten behoeve van de overheid en uitsluitend bestemd voor de openbare dienst;
hospitaalschepen;
sleepboten, welke de havens alleen binnenkomen om vaartuigen te brengen of te halen en onmiddellijk na aankomst weer vertrekken;
vaartuigen, in gebruik als woonschepen, die in de havens ligplaats innemen;
vaartuigen, waarvan de schippers domicilie hebben te Breda en welke op vrijdag na 16.30 uur de havens binnenkomen en deze weer verlaten uiterlijk na de eerstvolgende maandag vóór 7.30 uur, mits gedurende die tijd niet wordt geladen of gelost;
vaartuigen, waarvan de schippers aantonen, dat zij wegens ernstige familieomstandigheden de havens moeten binnenkomen, mits gedurende de gebruiksperiode niet wordt geladen of gelost;
vaartuigen die langer dan twaalf dagen in de havens verblijven, de dag van aankomst inbegrepen, indien en voor zover het voortgezet verblijf het gevolg is van stremming van de scheepvaart door weersomstandigheden veroorzaakt dan wel wegens andere overmacht;
vaartuigen met een waterverplaatsing van niet meer dan 4 kubieke meters.
Artikel 10