Het bevoegd gezag wijst een of meer Vertrouwenspersonen
Integriteit aan.
De Vertrouwenspersoon Integriteit heeft – naast het ontvangen
van meldingen, als beschreven in artikel 3, 4 en 5 - tot taak:
het in vertrouwen adviseren, informeren en begeleiden
van en het bieden van nazorg aan ambtenaren die een
vermoeden van een misstand of een onregelmatigheid
hebben,
het monitoren van gedane meldingen,
het indien gewenst namens de melder (anoniem) doen van
een melding,
het registreren van:
de interne meldingen,
meldingen van derden,
de wijze van afdoening van de meldingen,
de conclusies van het naar aanleiding van de
melding eventueel uitgevoerde onderzoek,
de naar aanleiding van de melding eventueel
getroffen maatregelen,
het uitoefenen van een signaalfunctie naar
leidinggevenden.
De Vertrouwenspersoon Integriteit doet twee maal per jaar aan de
gemeentesecretaris geanonimiseerd verslag. Dit verslag bevat in
ieder geval:
informatie over het aantal interne meldingen, meldingen
van derden en een indicatie van de aard van de
meldingen, de uitkomsten van de onderzoeken en de
standpunten van de werkgever;
algemene informatie over de ervaringen met het tegengaan
van benadeling van de melder;
informatie over het aantal verzoeken om onderzoek naar
benadeling in verband met het doen van een melding van
een vermoeden van een misstand en een indicatie van de
uitkomsten van de onderzoeken en de standpunten van de
werkgever.
De gemeentesecretaris rapporteert twee maal per jaar
over dit verslag en ingekomen meldingen aan de
burgemeester.
De Vertrouwenspersoon Integriteit is verplicht tot geheimhouding
van hetgeen vertrouwelijk met hem is gedeeld. Indien de melding
een strafbaar feit betreft, staat deze geheimhouding echter niet
in de weg aan het informeren van de betrokken leidinggevenden
en/of het bevoegd gezag.
Hoofdstuk 1.
Artikel 10
De Vertrouwenspersoon Integriteit
Onderdeel van Regeling melding vermoeden misstand en/of onregelmatigheid Almere 2016