In deze verordening wordt verstaan:
a. organisatorische eenheid:
een groep medewerkers binnen de gemeentelijke organisatie die een
gezamenlijk doel nastreeft.
b. administratie:
het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van
informatie ten behoeve van het besturen, het functioneren en het
beheersen van (onderdelen van) de gemeentelijke organisatie en ten
behoeve van de verantwoording die daarover moet worden afgelegd.
c. financiële administratie:
het onderdeel van de administratie dat omvat het systematisch maken en
verwerken van aantekeningen betreffende de financiële gegevens van
(onderdelen van) de gemeentelijke organisatie, teneinde te komen tot een
goed inzicht in:
1. de financieel-economische positie;
2. het financiële beheer;
3. de uitvoering van de begroting;
4. het afwikkelen van vorderingen en schulden;
5. alsmede tot het afleggen van rekening en verantwoording
daarover;
d. administratieve organisatie:
het stelsel van organisatorische maatregelen gericht op het tot stand
brengen en het in stand houden van de goede werking van de bestuurlijke
en ambtelijke informatieverzorging ten behoeve van de verantwoordelijke
leiding;
e. beheer van vermogenswaarden:
het uitoefenen van bestuur over en toezicht op het beheer van middelen
en het uitoefenen van rechten van de gemeente;
f. rechtmatigheid:
het in overeenstemming zijn met geldende wet- en regelgeving, waaronder
gemeentelijke verordeningen, raadsbesluiten en collegebesluiten;
g. doelmatigheid:
het realiseren van bepaalde prestaties met een zo beperkt mogelijke
inzet van middelen;
h. doeltreffendheid;
de mate waarin de beoogde maatschappelijke effecten van het beleid ook
daadwerkelijk worden behaald.