Onverminderd de wettelijke verplichting ten aanzien van herziening en terugvordering bij vorderingen, maakt het college gebruik van de bevoegdheid tot:
het herzien of intrekken van het toekenningsbesluit ingevolge artikel 54 lid 3 Participatiewet, respectievelijk artikel 17 lid 3b IOAW/IOAZ, indien de uitkering tot een te hoog bedrag dan wel ten onrechte is verleend;
het terugvorderen van ten onrechte verleende bijstand of inkomensvoorziening zoals omschreven in de artikelen 58 lid 2 en artikel 59 Participatiewet respectievelijk de artikelen 25 lid 2 en artikel 26 van de IOAW en IOAZ;
het bruteren van vorderingen die zijn ontstaan door gebruik te maken van de onder b. genoemde bevoegdheid. Van brutering wordt afgezien bij niet verwijtbare vorderingen, die in het lopende kalenderjaar worden afgelost of die ontstaan in het 4e kwartaal van dat lopende kalenderjaar;
het verhalen van kosten van bijstand overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 61 tot en met 62i van de Participatiewet.
HOOFSTUK 2 GEHEEL OF GEDEELTELIJK AFZIEN VAN TERUGVORDERING
Artikel 2.
Algemene bepalingen met betrekking tot terugvordering, herziening en verhaal
Onderdeel van Beleidsregels terugvordering en verhaal gemeente Velsen 2016