In dit artikel wordt verstaan onder hondenasiel: aan één locatie gebonden ruimte of ruimtes bestemd of gebruikt voor het in bewaring houden van honden die zwervend zijn aangetroffen, dan wel waarvan door de eigenaar permanent afstand is gedaan, welke locatie als inrichting is aangemeld overeenkomstig artikel 3.7, eerste lid, van het Besluit houders van dieren.
De belasting wordt niet geheven ter zake van honden:
die jonger zijn dan drie maanden, voor zover zij te samen met de moederhond worden gehouden;
die gehouden worden als hulp voor visueel of lichamelijk gehandicapte personen, voor zover met succes opgeleid door een erkend instituut;
waarvan de houder geen ingezetene van de gemeente is en de hond niet langer dan dertig dagen in het belastingjaar in de gemeente verblijft;
die gehouden door politiefunctionarissen, zijn of worden afgericht als politiehonden ten dienste van de politie;
waarvan de houder in het bezit is van een geldend diploma van het hoofdcomité van het Nederlandse Rode Kruis of van de Nederlandse Vereniging van Rode-Kruishonden;
die verblijven in een hondenasiel;
die uitsluitend ten verkoop of aflevering in voorraad worden gehouden in een bedrijfsinrichting als bedoeld in artikel 3.7, eerste lid, van het Besluit houders van dieren.