Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2

Artikel 4.

Uitsluitingsgronden

Onderdeel van Verordening individuele inkomenstoeslag en individuele studietoeslag Dalfsen 2017

1.. Er bestaat geen recht op een inkomenstoeslag als belanghebbende of diens partner op de peildatum of in de twaalf maanden voorafgaande de peildatum een inkomen geniet of heeft genoten op grond van de Wet op de Studiefinanciering of de Wet Tegemoetkoming Onderwijsbijdrage en Schoolkosten. 2.. Het college kan het recht op een inkomenstoeslag voor 1 jaar uitsluiten als belanghebbende of diens partner in de referteperiode een verlaging op grond van de wet, de Afstemmingsverordening, IOAW en IOAZ is opgelegd wegens het niet nakomen van de (niet) geüniformeerde arbeidsverplichtingen of wegens een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorzieningen in het bestaan. 3.. Het college kan het recht op een inkomenstoeslag voor 1 jaar uitsluiten als belanghebbende of diens partner in de referteperiode buiten Nederland heeft verbleven en dit verblijf per kalenderjaar langer was dan de periode genoemd in artikel 13, eerste lid e of vierde lid onder a van de wet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel