Het is verboden zich zonder redelijk doel op een voor anderen
hinderlijke wijze op te houden in of op een voor het publiek
toegankelijke ruimte, dan wel deze te verontreinigen of te gebruiken
voor een ander doel dan waarvoor deze is bestemd. Onder deze ruimten
worden in elk geval begrepen: portalen, telefooncellen, wachtlokalen
voor het openbaar vervoer, parkeergarages, rijwielstallingen.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 9
Artikel 2:32