**1..** Het is verboden een voertuig dat voor recreatie of anderszins
voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt:
langer dan op drie achtereenvolgende dagen op de weg te
plaatsen of te hebben binnen de bebouwde kom.
gedurende een periode langer dan 5 aaneengesloten dagen
te parkeren op een plaats, zichtbaar vanaf de openbare
weg. Na deze periode mag, gedurende een periode van één
week, niet binnen een straal van 500 meter van
voornoemde plek worden geparkeerd.
**2..** Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid
gestelde verbod.
**3..** Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet
bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig
beslissen) niet van toepassing.
Hoofdstuk 5. › Afdeling 1.
Artikel 5:6