Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Afdeling 5.

Artikel 2:10

Voorwerpen op of aan de openbare plaats

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Hendrik-Ido-Ambacht

1.. Het is verboden zonder voorafgaande vergunning van het bevoegde bestuursorgaan de openbare plaats anders te gebruiken dan overeenkomstig de publieke functie daarvan. 2.. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op: evenementen als bedoeld in artikel 2:24; standplaatsen als bedoeld in artikel 5:18; publieke taken die in opdracht van een bestuursorgaan of openbaar lichaam publieke worden verricht. overige gevallen waarin krachtens een wettelijke regeling een vergunning voor het gebruik van de openbare plaats is verleend. 3.. Het verbod in het eerste lid geldt tevens niet voor de volgende voorwerpen mits wordt voldaan aan het bepaalde in het vierde lid en aan de nadere regels uit hoofde van het vijfde lid en er uiterlijk 10 werkdagen voorafgaand aan het anders gebruiken van de openbare plaats dan de publieke functie ervan schriftelijk of digitaal een melding is gedaan. uitstallingen bouwobjecten plantenbakken en banken spandoeken reclameborden t.b.v. verkiezingen springkussens nader door het college aan te wijzen categorieën van voorwerpen 4.. Het bevoegde bestuursorgaan stelt nadere regels voor de categorieën genoemd in lid 3. 5.. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatwerken, artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994, of de Provinciaal wegenreglement. 6.. Op de ontheffing bedoeld in het vierde lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel