Bij het niet nakomen van de inlichtingenplicht wordt de hoogte van de boete vastgesteld aan de hand van de volgende regels:
als de financiële benadeling meer is dan € 50,= en minder dan € 150,= bedraagt de boete € 150,=;
als de financiële benadeling € 150,= of meer bedraagt, wordt de boete vastgesteld op 100 % van het benadelingsbedrag, naar boven afgerond op tien euro;
als er sprake is van herhaling wordt de boete vastgesteld op 150 % van het benadelingsbedrag;
van herhaling zoals genoemd in sub c van dit artikel, is sprake bij gedragingen overeenkomstig het aangehaalde in artikel 18 a, lid 5 en 6 van de Participatiewet.
Indien er sprake is van verminderde verwijtbaarheid wordt een verlaging van de boete toegepast (zie artikel 5 van deze beleidsregels)
De leden a t/m c zijn van toepassing indien er sprake is van opzet. Indien er sprake is van grove schuld, wordt 75 % van de hoogte zoals vermeld in de leden a t/m c toegepast. In alle andere gevallen wordt 50 % van de hoogte zoals vermeld in de leden a t/m c toegepast.
De hoogte van de boete die wordt opgelegd kan maximaal € 81.000,= bedragen bij opzet; in alle andere gevallen bedraagt de maximale boete € 8.100,=
Artikel 2.
Hoogte van de boete
Onderdeel van 1e gewijzigde Beleidsregels bestuurlijke boete Participatiewet, Ioaw en Ioaz gemeente Geertruidenberg 2016