Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 2.3.1

Investeringen met een economisch nut

Onderdeel van Nota waarderen en afschrijven 2017 Eijsden-Margraten

In artikel 59 lid 1 t/m 2 van het BBV is opgenomen: Alle investeringen met een economisch nut worden geactiveerd. Investeringen hebben een economisch nut indien ze verhandelbaar zijn en/of indien ze kunnen bijdragen aan het genereren van middelen. In afwijking van het eerste lid worden kunstvoorwerpen met een cultuur-historische waarde niet geactiveerd. Artikel 62 lid 1 BBV bepaalt dat we investeringen met een economisch nut moeten activeren volgensde zogenaamde brutomethode. Dit betekent dat we deze investeringen activeren voor het bedrag van de investering. (Bestemmings)reserves mogen we niet op de investeringswaarde in minderingbrengen. lndien we voor de dekking van kapitaallasten van een investering met een economisch nut een reserve hebben opgebouwd, kunnen we deze reserve gebruiken om de jaarlijkse kapitaallasten afte dekken. Dit soort reserves noemen we bruteringsreserves. De Commissie BBV geeft in haar notitie “verkrijging/vervaardiging en onderhoud vankapitaalgoederen” de aanbeveling om deze bruteringsreserves in overeenstemming met deafschrijvingsparameters van de bijbehorende investering via de resultaatbestemming periodiek vrij te laten vallen als dekking van de kapitaallasten. Op investeringen met een economisch nut mag niet'extra' worden afgeschreven. Deze moeten we afschrijven in de verwachte toekomstige gebruiksduur. Uitgangspunt 4: Bruteringsreserves vallen vrij in overeenstemming met de afschrijvingstermijn van de desbetreffendeinvestering. Ingevolge het 2e lid van artikel 62 BBV mogen bijdragen van derden met een directe relatie met eenactief op de waardering daarvan in mindering worden gebracht. Het betreft hier bijvoorbeeld rijks-en provinciale bijdragen, bijdragen van personen etc. Uitgangspunt 5: Bij investeringen brengen we de bijdragen van derden in mindering op de investering.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel