**1..** In de onderstaande gevallen hoeft geen onderzoek naar de inspanningen te worden verricht:
Bij personen die aantoonbare medische- en/of sociale beperkingen hebben, of die om andere redenen geen arbeidsperspectief hebben. Dit geldt zowel voor personen die algemene bijstand of een IOAW- of IOAZ uitkering ontvangen, als voor niet-uitkeringsgerechtigden.
Personen met een WIA-, WAZ- of Wajong-uitkering, berekend naar een arbeidsongeschiktheid van 80 – 100%, worden in beginsel geacht voldoende te hebben getracht algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen.
Personen die in de referteperiode zakgeld van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers hebben ontvangen, kunnen in aanmerking komen voor een individuele inkomenstoeslag. Ten aanzien van deze personen wordt over de periode waarin de belanghebbende in het AZC verbleef, geen onderzoek ingesteld naar de inspanningen om tot inkomensverbetering te komen.
**2..** In alle andere gevallen moet de aanvrager gegevens aanleveren waaruit blijkt dat hij zich voldoende heeft ingespannen om tot inkomensverbetering te komen. Als het gaat om iemand met een uitkering van het UWV, kunnen de gegevens bij het UWV worden geverifieerd. Men moet in dat geval de afgelopen 36 maanden ingeschreven hebben gestaan bij het UWV Werkbedrijf en over de laatste zes maanden sollicitatieactiviteiten kunnen aantonen.
**3..** Indien het iemand betreft die zonder uitkering in deeltijd werkzaam is, stelt het College vast in hoeverre er sprake is van persoonlijke omstandigheden, waardoor het niet mogelijk is om een groter aantal uren werkzaam te zijn. Onder meer de gezinssamenstelling speelt een rol bij deze beoordeling. Wanneer er schoolgaande kinderen zijn in een één-oudergezin, kan dit reden zijn dat de ouder aangewezen is op een deeltijdbaan.
Artikel 3
Onderzoek naar inspanningen in andere gevallen
Onderdeel van Beleidsregels Individuele Inkomenstoeslag gemeente Geertruidenberg 2015