Naar hoofdinhoud
1.. Het college kan aan een inwoner met aannemelijke meerkosten als bedoeld in artikel 11 een participatiebudget verlenen, indien: bij inwoner sprake is van aannemelijke meerkosten in verband met een beperking of chronische psychische of psychosociale problemen, en de tegemoetkoming bijdraagt aan de zelfredzaamheid en de participatie van de inwoner. 2.. De inwoner kan slechts aanspraak maken op een participatiebudget indien hij geen aanspreek heeft of kan hebben op een vergoeding van de aannemelijke meerkosten op grond van een voorliggende voorziening. 3.. Het college kan bij de beoordeling als bedoeld in het eerste lid onder b. rekening houden met de hoogte van het inkomen van inwoner en zijn eventuele echtgenoot of daarmee gelijkgestelde en de mate waarin zich in een kalenderjaar meerkosten zullen voordoen. 4.. Bij de toekenning van het participatiebudget wordt het doel ervan beschreven in het verslag als onderdeel van het doelenplan. Bij een aanvraag voor het daaropvolgende jaar vindt een evaluatiegesprek plaats. 5.. De hoogte van het participatiebudget bedraagt maximaal € 500,- per jaar per persoon. 6.. Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van het vorige lid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel