De vergunning of ontheffing geldt voor onbepaalde tijd, tenzij bij de vergunning of ontheffing anders is bepaald of de aard van de vergunning of ontheffing zich daartegen verzet. Artikel 1:8 Weigeringsgronden
De vergunning of ontheffing kan door het bevoegd gezag of het bevoegde bestuursorgaan worden geweigerd in het belang van:
de openbare orde;
de openbare veiligheid;
de volksgezondheid;
de bescherming van het milieu.
De vergunning of ontheffing kan door het bevoegd gezag of het bevoegde bestuursorgaan worden geweigerd:
indien een aanvraag voor een vergunning of ontheffing wordt ingediend minder dan 8 weken vóór het tijdstip waarop de aanvrager de vergunning of ontheffing nodig heeft;
indien een aanvraag voor een vergunning of ontheffing zoals bedoeld in artikel
2:24, lid 3 (A-evenement) van deze verordening wordt ingediend minder dan 12
weken vóór het tijdstip waarop de aanvrager de vergunning nodig heeft;
indien een aanvraag voor een vergunning of ontheffing zoals bedoeld in artikel 2:24, lid 4 (B-evenement) van deze verordening wordt ingediend minder dan 20
weken vóór het tijdstip waarop de aanvrager de vergunning nodig heeft;
indien een aanvraag voor een vergunning of ontheffing zoals bedoeld in artikel 2:24, lid 5 (C-evenement) van deze verordening wordt ingediend minder dan 26
weken vóór het tijdstip waarop de aanvrager de vergunning nodig heeft.