**1..** Medewerker: de ambtenaar ingevolge artikel 1:1 lid 1 sub a van de CAR/UWO.
**2..** Bevoegd gezag: de burgemeester, de werkgeverscommissie van de raad, de algemeen directeur /gemeentesecretaris, de directeuren, de griffier en het hoofd van de afdeling waar de medewerker werkzaam is.
**3..** Salaris: het salaris als bedoeld in artikel 1:1 lid 1 sub qq jo. artikel 3:3 van de CAR/UWO.
**4..** Salaristoelagen: de salaristoelagen als bedoel in artikel 1:1 lid 1 sub rr van de CAR/UWO
**5..** Salarisschaal: de schaal als bedoeld in artikel 1:1 lid 1 sub uu van de CAR/UWO, opgenomen in bijlage II van die regeling.
**6..** Functieschaal: de schaal als bedoel in artikel 1:1 lid 1 sub ss van de CAR/UWO.
**7..** Uitloopschaal: de schaal volgend op het functionele schaalniveau van de functie, voor zover dit van toepassing is.
**8..** Maximumsalaris: het hoogste bedrag in een salarisschaal.
**9..** Aanloopschaal: de eerst lagere salarisschaal dan de functieschaal als bedoeld in artikel 3:3 lid 2 van de CAR/UWO.
**10..** Functie: het geheel van werkzaamheden dat door de medewerker is te verrichten. Onder ‘werkzaamheden’ wordt verstaan: de in de functiebeschrijving genoemde hoofdtaken en de individueel gemaakte afspraken zoals vastgelegd op de OpKoers afsprakenkaart van de medewerker.