Naar hoofdinhoud
1.. Het eigenarendeel als bedoeld in artikel 3, lid 1, onderdeel a wordt geheven naar een vast bedrag per perceel. 2.. Het gebruikersdeel als bedoeld in artikel 3, lid 1, onderdeel b wordt geheven naar het aantal kubieke meters water dat vanuit het perceel wordt afgevoerd voor zover dit uitgaat boven 300 m³. 3.. Het aantal kubieke meters water wordt gesteld op het aantal kubieke meters leidingwater en grondwater dat in het belastingjaar naar het perceel is toegevoerd of is opgepompt. 4.. Ingeval gebruik wordt gemaakt van een pompinstallatie moet die pompinstallatie zijn voorzien van een: watermeter, waarvan de hoeveelheid opgepompt water kan worden afgelezen, of bedrijfsuren-teller, waarvan het aantal uren dat dat een pompinstallatie met vaste capaciteit in bedrijf is geweest kan worden afgelezen De eerste volzin is niet van toepassing op grond van enige andere wettelijke bepaling. 5.. De op de voet van het derde lid berekende hoeveelheid toegevoerd of opgepompt water wordt verminderd met de hoeveelheid water die aantoonbaar niet is afgevoerd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel