Ten aanzien van de verschuldigde belasting als bedoeld in
artikel 2, tweede lid, onderdeel a juncto artikel 4, eerste lid
(vast bedrag) geldt dat de
belasting verschuldigd is bij het begin van het
belastingjaar.
Ten aanzien van de verschuldigde belasting als bedoeld in
artikel 2, tweede lid, onderdeel b juncto artikel 4, tweede lid
(variabel bedrag) geldt
dat:
**a..** de belasting verschuldigd is bij het begin van het belastingjaar of, zo
dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.
**b..** indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is
de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat
jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de
belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
**c..** Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt,
bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de
voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde
van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
Artikel 8
Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van de rioolheffing 2017