Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 25.

Reiskosten bezoek gedetineerde

Onderdeel van 1e gewijzigde beleidsregels Bijzondere Bijstand Gemeente Geertruidenberg 2017

1.. Indien een buiten de gemeente, in Nederland, in detentie verblijvende persoon geen recht heeft op weekendverlof komen de reiskosten die door familieleden van de gedetineerde worden gemaakt in verband met een bezoek aan de gedetineerde in aanmerking voor bijzondere bijstand. 2.. Onder familieleden wordt verstaan: personen die aanverwant zijn en/of een (afgeleide) familierelatie hebben tot de gedetineerde in de eerste of tweede graad. 3.. Daarbij geldt als uitgangspunt voor de maximale bezoekfrequentie: een bezoek van twee personen eenmaal per week. 4.. Is de inrichting buiten Nederland gevestigd dan wordt bijstand in de reiskosten tot de grens vergoed. 5.. De bijzondere bijstand wordt verstrekt voor zover de kosten meer bedragen dan het in de bijstand begrepen bedrag voor vervoerskosten, zijnde de kosten voor 2 zones openbaar vervoer (OV9292); 6.. Het gebruik van de auto kan voor vergoeding in aanmerking komen, indien dit goedkoper is, dan wel dat het openbaar vervoer geen reëel alternatief is vanwege de reistijd, 7.. De hoogte van de vergoeding per persoon is gelijk aan het openbaar vervoertarief (2de klas). 8.. De kilometervergoeding bij het gebruik van de auto wordt gelijkgesteld met de maximale vergoeding zoals vastgesteld door de Belastingdienst.

Rechtspraak bij dit artikel