**1..** In beginsel is er geen bijzondere bijstand mogelijk voor directe en indirecte onderwijskosten. Het Kind Gebonden Budget wordt een afdoende voorliggende voorziening geacht.
**2..** Slechts indien op grond van artikel 35 lid 1 van de Participatiewet sprake is van noodzakelijke kosten van het bestaan die voortvloeien uit bijzondere omstandigheden, kan hiervan afgeweken worden.
**3..** De overstap van een ten laste komend kind van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs kan worden aangemerkt als een bijzondere omstandigheid.
**4..** De kosten, die daaruit voortvloeien, zoals de kosten van een nieuwe schooltas of fiets kunnen daarom voor bijzondere bijstand in aanmerking komen.
**5..** De kosten zoals genoemd in lid 4 kunnen tot een maximum van € 250 voor een periode van 12 maanden gerekend vanaf de datum van de aanvraag worden vergoed.
**6..** Dit bedrag wordt in 2 gelijke delen uitbetaald, de eerste 50 % z.s.m. na datum toekenning, de overige 50 % nadat de besteding van het eerste deel door betrokkene is verantwoord middels het overleggen van nota’s.
**7..** Uiterlijk 3 maanden na afloop van de in sub 5 genoemde periode van 12 maanden kan steekproefsgewijs controle plaatsvinden op de besteding van de gehele aan betrokkene toegekende bijstand; de steekproef bestaat uit maximaal 10 % van het totaal aantal in die periode ingediende aanvragen.
**8..** Indien de bijstand niet (volledig) aan het beoogde doel wordt besteed, kan deze (gedeeltelijk) worden teruggevorderd.
**9..** Sub 5 t/m 8 dienen in de beschikking te worden opgenomen.
Hoofdstuk 3
Artikel 40.
Overstapregeling
Onderdeel van 1e gewijzigde beleidsregels Bijzondere Bijstand Gemeente Geertruidenberg 2017