Uiterlijk vóór 1 mei in het jaar na afloop van het kalenderjaar waarvoor subsidie is verleend, rapporteert de houder over het totaal van de hiervoor vermelde kwartaalgegevens. De subsidie wordt vastgesteld op de daadwerkelijk bestede uren per peuter aan de hand van het afgesproken uurtarief en onderverdeling naar categorieën van artikel 3.
Hoofdstuk 3
Artikel 11