Naar hoofdinhoud

Paragraaf 2

Artikel 7.

Afvalscheiding

Onderdeel van Afvalstoffenverordening gemeente Noordenveld 2016

1.. Burgemeester en wethouders stellen regels over de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen die afzonderlijk door de inzameldienst worden ingezameld, over de frequentie van de inzameling van elk van deze bestanddelen, en over de locaties van deze inzameling bij of nabij elk perceel. 2.. In ieder geval de volgende bestanddelen huishoudelijke afvalstoffen worden afzonderlijk ingezameld: - groente-, fruit- en tuinafval; - papier en karton; - glas; - textiel; - kunststof verpakkingsmateriaal samen met drankenkartons en blik ofwel: plastic, metalen en drankenkartons (de zogenaamde PMD-fractie); - elektrische of elektronische apparatuur; - klein chemisch afval; - bouw- en sloopafval; - houtafval en verduurzaamd hout; - grof tuinafval; - asbest en asbesthoudend afval; - grof huishoudelijk (rest)afval; - huishoudelijk restafval; - banden; - ijzer/metaal; - puin; - gips; - dakleer; - matrassen; - piepschuim; 3.. In het belang van een doelmatig afvalstoffenbeheer kunnen burgemeester en wethouders de aanwijzing van afzonderlijk in te zamelen bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen, bedoeld in het tweede lid, of fracties daarvan, achterwege laten. 4.. Indien Burgemeester en wethouders nadere regels stellen als bedoeld in artikel 7, lid 1, dan betrekken zij bij de voorbereiding van een zodanig besluit de ingezetenen en belanghebbenden, op de wijze voorzien in de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet vastgestelde verordening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel