1.. Het college maakt, naast de verplichtingen die zijn neergelegd in artikel 54 derde lid, eerste volzin en artikel 58 eerste lid Participatiewet en artikel 25 eerste lid en artikel 17 derde lid IOAW en IOAZ, gebruik van de bevoegdheid tot:

2.. In afwijking van het eerste lid, onder c kan het college afzien van het nemen van een terugvorderingsbesluit indien het totaal terug te vorderen bedrag lager is dan € 50,00 (kruimelbedrag) én de terugvordering niet het gevolg is van schending van de inlichtingenplicht.

3.. In afwijking van het eerste lid, onder d, ziet het college af van het bruteren van de vordering indien:

  • - ten onrechte betaalde belastingen en premies nog kunnen worden verrekend met de afdrachten aan de Belastingdienst en het UWV of
  • - de vordering is ontstaan buiten toedoen van de belanghebbende en hem niet kan worden verweten dat de vordering niet is voldaan in het kalenderjaar waarop deze betrekking heeft.