**1..** De aflossingscapaciteit voor de belanghebbende met een Participatiewet-, IOAW- of IOAZ-uitkering, bedraagt bij een niet-fraudevordering 6% van de voor hem geldende bijstandsnorm danwel bruto grondslag IOAW- of IOAZ-uitkering inclusief vakantiegeld, maar niet meer dan het bedrag dat ingevolge artikel 475d Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering voor beslag in aanmerking zou komen.
**2..** In afwijking van het eerste lid stemt het college bij een niet-fraudevordering in met een betalingsregeling voor zover daarmee de vordering binnen een periode van 24 maanden in zijn geheel kan worden afgelost en de voorgestelde aflossing tenminste € 25,00 per maand bedraagt.
**3..** De aflossingscapaciteit voor de belanghebbende met een Participatiewet-, IOAW- of IOAZ-uitkering bedraagt bij een fraudevordering 10% van de voor hem geldende bijstandsnorm danwel bruto grondslag IOAW- of IOAZ-uitkering inclusief vakantiegeld, maar niet meer dan het bedrag dat ingevolge artikel 475d Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering voor beslag in aanmerking zou komen.
HOOFDSTUK 3
Artikel 7.
Aflossingscapaciteit bij uitkeringsgerechtigden
Onderdeel van Beleidsregels terugvordering, verhaal en invordering Kempengemeenten 2016