Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 1.

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van Financiële verordening Gemeente Midden-Drenthe 2016

Deze verordening verstaat onder: administratie: het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen, het functioneren en het beheersen van (onderdelen van) de organisatie van de gemeente Midden-Drenthe en de verantwoording die daarover moet worden afgelegd; afdeling: iedere organisatorische eenheid binnen de gemeentelijke organisatie met een eigen rechtstreekse verantwoordelijkheid aan het college; begrotingscyclus: de met betrekking tot een begrotingsjaar gemaakte afspraken over: het voorbereiden, opstellen, vaststellen, en uitvoeren van de begroting; het afleggen van verantwoording door het college over de uitvoering van de begroting; het opstellen en vaststellen van de jaarrekening; de controle van de jaarrekening. inkomsten: totaal van baten voor onttrekking van reserves; netto schuld: bruto schuld minus de omvang van de geldelijke bezittingen. Onder bruto schuld wordt verstaan het totaal van langlopende leningen, kortlopende schulden, crediteuren en overlopende passiva. Onder geldelijke bezittingen het totaal van leningen aan deelnemingen, leningen aan overige verbonden partijen, leningen aan derden, langlopende uitzettingen, kortlopende uitzettingen, debiteurenvorderingen, liquide middelen en overlopende activa. Onder netto vlottende schuld wordt verstaan het totaal van leningen met een looptijd korter dan één jaar; onbenutte belastingcapaciteit onroerende zaakbelasting: verschil tussen de opbrengst onroerende zaakbelasting bij de tarieven die minimaal nodig zijn voor toegang tot de procedure van artikel 12 van de Financiële-verhoudingswet en de (geraamde) opbrengst onroerende zaakbelasting; overheidsbedrijf: onderneming met privaatrechtelijke rechtspersoonlijkheid, niet zijnde een personenvennootschap met rechtspersoonlijkheid, waarin de gemeente, al dan niet tezamen met een of meer andere publiekrechtelijke rechtspersonen, in staat is het beleid te bepalen of een onderneming in de vorm van een personenvennootschap, waarin een publiekrechtelijke rechtspersoon deelneemt; deelprogramma: onderdeel van een programma bestaande uit een samenstel van een aantal samenhangende producten of een enkel product van de productenraming en productenrealisatie. Integrale kostprijs: de som van de salariskosten en overhead gedeeld door het aantal directe uren.

Rechtspraak bij dit artikel