Uit artikel 2.1.7 Wmo 2015 blijkt dat het bij de tegemoetkoming meerkosten niet hoeft te gaan om een cliënt. Gesproken wordt over de persoon met een beperking of chronisch psychisch of psychosociaal probleem die in verband daarmee aantoonbare of aannemelijke meerkosten kan hebben. De tegemoetkoming dient ter ondersteuning van de zelfredzaamheid en participatie. In hoofdstuk 11 van de Verordening is een limitatief aantal kostensoorten bepaald die in aanmerking kunnen komen voor een tegemoetkoming. Daarnaast kan het college een forfaitaire tegemoetkoming verlenen. Nadere regels waaronder de hoogte van de tegemoetkoming zijn neergelegd in het vigerende Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Noordoostpolder.
Hoofdstuk 10 › Paragraaf 1
Artikel 10.1