**a..** Cliënt heeft gezond sociaal netwerk en vervult daarbinnen een passende sociale rol
**b..** Cliënt is in staat een beroep te doen op personen in zijn/haar sociaal netwerk
**c..** Cliënt kan eigen problematiek in relatie tot sociale netwerk hanteren
**d..** Bij bemoeizorg: cliënt staat open voor opbouw sociaal netwerk
Hoofdstuk 6 › Paragraaf 3
Artikel 6.14