In dit artikel wordt een aantal begrippen dat in de verordening wordt gehanteerd, gedefinieerd. Van een aantal specifieke begrippen, dat wil zeggen begrippen die op een bepaald onderdeel van deze verordening betrekking hebben, zijn in de desbetreffende uitvoeringsbesluiten definities opgenomen.
aanbieden van taxivervoer: met het begrip ‘aanbieden van taxivervoer' wordt beoogd te verduidelijken dat het enkel taxivervoer op de opstapmarkt betreft. Hieronder valt het aanbieden van taxivervoer op de standplaatsen (standplaatstaxi) en de taxi die door de klant wordt aangehouden op straat (aanhoudtaxi). Hieronder valt dus niet de taxi die door de klant telefonisch wordt besteld (beltaxi), tenzij deze bestelling voortvloeit uit het zojuist op straat tot elkaar komen van vraag en aanbod. Ook het taxivervoer dat wordt verricht op basis van structurele contracten (contractvervoer) valt niet onder deze definitie. Met ‘taxivervoer' wordt gedoeld op de definitie genoemd in artikel 1, onderdeel j van de Wp 2000. In die situaties waar het onduidelijk is of sprake is van het aanbieden van taxivervoer in de opstapmarkt of in de bel- of contractmarkt, is het aan de chauffeur om aannemelijk te maken van welk vervoer sprake is. Zo zal een chauffeur zonder geldige Taxxxivergunning moeten kunnen aantonen of de consumenten die worden vervoerd een telefonische reservering hebben gedaan of dat sprake is van contractvervoer. Kan hij dit niet aannemelijk maken dan wordt deze chauffeur geacht in overtreding te zijn met het bepaalde in artikel 2.3, eerste lid.
aangeslotene: iedere individuele chauffeur die werkzaam wil zijn op de opstapmarkt dient zich aan te sluiten bij een Toegelaten Taxi Organisatie (TTO). Daarnaast moeten vervoerders zich ook aansluiten. Zij conformeren zich daarmee eveneens aan het TTO reglement.
auditorganisatie: een auditorganisatie is een organisatie die door het college moet zijn goedgekeurd om de data en processen van een TTO te onderzoeken. De gemeente kan de auditorganisatie inspecteren of aan alle eisen en verplichtingen op basis van de verordening is voldaan.
chauffeur: deze omschrijving beperkt het begrip chauffeur tot diegenen die taxivervoer aanbieden.
college: het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam.
Keycard: een keycard is een pasje dat kan worden gebruikt om toegang te verkrijgen tot een afgesloten standplaats. Een keycard wordt alleen verleend aan bezitters van een Taxxxivergunning en alleen als de TTO gerechtigd is op die specifieke standplaats te rijden. Een keycard is geen formele vergunning maar slechts een elektronisch hulpmiddel om een standplaats te betreden.
klacht: deze definitie is opgenomen om buiten twijfel te stellen wat een klacht is.
Taxxxiraamkaart: van de verleende Taxxxivergunning wordt een bewijs afgegeven. Dit is tevens het bewijs dat de chauffeur beschikt over een ontheffing medegebruik lijn-/busbaan. Deze hoeft dus niet apart aangevraagd te worden. Aan de hand van de Taxxxiraamkaart kan de chauffeur aantonen dat deze beschikt over een Taxxxivergunning en daarom taxivervoer mag aanbieden op de door de gemeenteraad aangewezen delen van de openbare weg. Ook toont hij hiermee aan dat hij gebruik mag maken van de vrije tram- en busbanen. Intrekking of schorsing van de Taxxxivergunning heeft tot gevolg dat de Taxxxiraamkaart onverwijld bij het college moet worden ingeleverd. Zolang de intrekking niet het gevolg was van een voorschrift ten aanzien van de ontheffing medegebruik lijn-/busbaan kan de chauffeur deze ontheffing nog apart aanvragen ten behoeve van de bel- en/of contractmarkt.
Taxxxivergunning: voor het aanbieden van taxivervoer op de gemeentelijke openbare weg is een vergunning van het college van burgemeester en wethouders nodig. Deze vergunning wordt onder voorwaarden verstrekt aan de individuele chauffeur.
TTO (Toegelaten Taxi Organisatie): in het eerste lid van artikel 82b van de Wp 2000 is het volgende bepaald: ‘Bij gemeentelijke verordening kan worden bepaald dat het gebruik van de gemeentelijke openbare weg of delen daarvan, voor wat betreft het aanbieden van taxivervoer, uitsluitend is voorbehouden aan vervoerders en bestuurders van auto's die taxivervoer verrichten en die overeenkomstig de bij en krachtens artikel 82b gestelde regels deel uitmaken van een organisatorisch verband.' Met de omschrijving van het organisatorisch verband in de begrippenlijst wordt aansluiting gezocht bij het bepaalde in het tweede lid van artikel 82b van de Wp 2000, waarin staat dat het organisatorische verband een verbetering van de kwaliteit van taxivervoer ten doel heeft. Om als TTO in de verordening te worden aangemerkt dient deze te beschikken over een vergunning van het college. In deze verordening wordt het organisatorisch verband verder aangeduid als Toegelaten Taxi Organisatie (TTO), omdat deze term binnen Amsterdam algemeen geaccepteerd is en de term organisatorisch verband mogelijk tot verwarring zal leiden.
TTO-vergunning: deze vergunning is nodig om aangeslotenen taxivervoer aan te kunnen laten bieden, op de door de gemeenteraad aangewezen delen van de openbare weg. Een TTO zonder vergunning is hiertoe niet gerechtigd.
wet: daar waar in de verordening verwezen wordt naar de ‘wet' wordt de Wet personenvervoer 2000 bedoeld.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 1.1.
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Taxiverordening Amsterdam 2012