**1..** Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet, Algemene wet bestuursrecht en Burgerlijk Wetboek.
**2..** In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
college: het college van burgemeester en wethouders;
uitkering: de door het college verleende bijstand in het kader van de Participatiewet;
geldlening: geldlening als bedoeld in artikel 50, tweede lid van de Participatiewet;
woning: onder woning wordt mede verstaan een woonschip, woonboot of woonwagen;
krediethypotheek: een te vestigen zekerheidsrecht in de vorm van een hypotheek dan wel pandrecht indien bijstand in de vorm van een geldlening wordt verleend;
pandrecht: het recht van pand op roerende zaken als bedoeld in artikel 3:227 Burgerlijk Wetboek;
registergoed: een goed als bedoeld in artikel 3:10 Burgerlijk Wetboek.
**3..** De regels die in deze beleidsregels zijn opgenomen over het vestigen van een hypotheek, worden op vergelijkbare wijze toegepast ten aanzien van het vestigen van een pandrecht.
Artikel 1
Begripsomschrijving
Onderdeel van Beleidsregels krediethypotheek en pandrecht Laarbeek 2016