Naar hoofdinhoud

§ 2

Artikel 3

Fiets

Onderdeel van IKB regeling gemeente Lelystad 2017

Lid 1 De medewerker kan 12 maanden na de datum van indiensttreding voor het eerst het IKB gebruiken voor de aanschaf van één fiets. Lid 2 De medewerker kan eenmaal in de 36 maanden de keuze maken om het IKB te gebruiken voor de aanschaf van één fiets. Lid 3 Voor de medewerker die voorafgaand aan 01-01-2017, op grond van de flexibele arbeidsvoorwaarden van de gemeente Lelystad gebaseerd op hoofdstuk 4a CAR-UWO, opgenomen in het Cafetariamodel gemeente Lelystad, een over meerdere kalenderjaren verspreide afrekening van de fiets heeft, geldt overgangsrecht. Dit overgangsrecht komt er op neer dat de situatie zoals deze vóór 2017 bestond als volgt wordt uitgevoerd: Indien met de medewerker was afgesproken dat hij elke maand bruto salaris inlevert in ruil voor de fietsbijdrage wordt dit voortgezet. Indien met de medewerker was afgesproken dat zijn bruto vakantietoelage of bruto eindejaarsuitkering wordt verlaagd, wordt in overleg met de medewerker bepaald in welke periode IKB wordt ingezet voor de aflossing van de fiets. Inden met de medewerker was afgesproken dat zijn aanspraak op vakantieverlof jaarlijks verlaagd zou worden, wordt het vakantieverlof gedurende de afgesproken periode verlaagd met het overeengekomen aantal uren. Voor bovenstaande situaties geldt bovendien dat de medewerker het volledig uitstaande bedrag in een keer mag afbetalen met het vakantiegeld van 2016 dat in mei 2017 wordt uitbetaald. Lid 4 Door het IKB aan te wenden ten behoeve van de aanschaf van een fiets, verklaart de medewerker deze fiets voor meer dan de helft van het voor hem of haar van toepassing zijnde aantal werkdagen voor het woon-werkverkeer te gebruiken. Lid 5 Onder woonwerk-verkeer zoals opgenomen in het voorgaande lid wordt verstaan de afstand tussen het woonadres en de werkplek, mits deze afstand niet meer is dan 15 km. Indien de afstand tussen het woonadres en de werkplek meer dan 15 km bedraagt, dan wordt als woon-werkverkeer aangemerkt de afstand tussen het woonadres en de locatie van het voor- en natransport zoals een (trein)station of carpoolplaats. Lid 6 Het IKB mag alleen worden aangewend voor een fiets, uitsluitend bestemd voor gebruik door de medewerker. Lid 7 De fiets mag elektrische trapondersteuning hebben (e-bikes), voor zover de fiets voldoet aan de bepalingen van artikel 1 lid 1 sub ea van de Wegenverkeerswet 1994. Lid 8 Het maximale bedrag dat voor de aanschaf van een fiets kan worden aangewend is € 750 bruto. Het bedrag van € 750 bruto is inclusief verzekering en accessoires. Lid 9 De medewerker kan het IKB aanwenden voor de aanschaf van een fiets indien hij voldoende IKB heeft. Lid 10 Indien de medewerker het IKB aanwent voor de aanschaf van een fiets moet hij bij het invoeren van zijn keuze in Flex Benefits (DigiP) tevens een op naam van de medewerker gestelde factuur van de aanschaf en betaling van de fiets overleggen. Dit kan doormiddel van het inscannen en uploaden van de factuur en het betalingsbewijs in Flex Benefits (DigiP). Een pro forma nota dient de medewerker in te leveren bij de P&O-Servicedesk. Lid 11 De werkgever is niet aansprakelijk voor schade die ontstaat door verlies, diefstal of beschadiging van de fiets, voor enige schade die het gevolg is van het gebruik van de fiets of voor eventuele andere gevolgen die deelname aan deze regeling voor de medewerker met zich meebrengt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel