Een cliënt kan voor kortdurend verblijf in aanmerking komen, als:
er sprake is van een somatische, psychogeriatrische of psychiatrische aandoening of beperking, of een verstandelijke, lichamelijke of zintuiglijke handicap;
deze gezien de zorgbehoefte is aangewezen op permanent toezicht;
deze gedurende maximaal drie etmalen op de zorg is aangewezen; én
ontlasting van de persoon, die gebruikelijke hulp of mantelzorg aan de cliënt levert, noodzakelijk is.
Hoofdstuk
Artikel 6