**1..** Het college stelt vast of een belanghebbende behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie.
**2..** Hierbij neemt het college de volgende criteria in acht:
een persoon moet behoren tot de doelgroep zoals omschreven in artikel 7 lid 1 sub a van de Participatiewet; én
die persoon is tijdelijk niet in staat met voltijdse arbeid het wettelijk minimumloon te verdienen, maar in de toekomst wel; of
die persoon is niet in staat met voltijdse arbeid het wettelijk minimumloon te verdienen, maar
heeft wel mogelijkheden tot arbeidsparticipatie.
**3..** Bij de persoon genoemd in lid 2b adviseert het college of een belanghebbende behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie.
**4..** Bij de persoon genoemd in lid 2c adviseert het UWV het college met betrekking tot het oordeel of een belanghebbende behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3
Artikel 17.
Vaststelling wie tot doelgroep loonkostensubsidie behoort
Onderdeel van Verordening sociaal domein Kaag en Braassem 2017