Het inzetten van jeugdhulp en/of ondersteuning middels een PGB is
gebonden aan onderstaande voorwaarden:
Lid 1:
De jeugdige en/of zijn ouders hebben met – en/of met instemming
van de consulent jeugd een familiegroeps – en/of
ondersteuningsplan opgesteld, waarin onder andere benoemd
is:
dat een maatwerkvoorziening jeugdhulp benodigd is,
hoe het PGB besteed gaat worden,
welke doelen/resultaten worden behaald met het PGB;
wanneer en hoe het plan, inclusief het gebruik van het
PGB, door de jeugdige en/of de ouders en een medewerker
van het toegangsteam jeugd geëvalueerd wordt.
De jeugdige en/of zijn ouders kunnen motiveren dat de door het
college gecontracteerde maatwerkvoorzieningen jeugdhulp niet
passend zijn in zijn of haar specifieke situatie;
De jeugdige en/of zijn ouders volgens het advies van de
consulent jeugd voldoende in staat worden geacht om – al dan
niet met ondersteuning van het sociaal netwerk, een curator,
bewindsvoerder, mentor of gemachtigde - de taken, die aan het
PGB zijn verbonden, op verantwoorde wijze uit te voeren;
de jeugdhulp die met het PGB wordt ingekocht volgens het advies
van de consulent jeugd van voldoende kwaliteit is.
Lid 2:
Het besluit om wel of geen PGB te beschikken wordt genomen door de
consulent jeugd, namens het college. Ook voor de jeugdhulp en/of
ondersteuning, waarnaar door een niet – gemeentelijk verwijzer is
verwezen, kan gekozen worden voor inzet in de vorm van een PGB. De niet
– gemeentelijk verwijzer neemt alleen niet zélf een besluit over de
toekenning van een PGB, dat doet de consulent jeugd, namens het college.
De aanvraag voor een PGB wordt dan door de niet – gemeentelijk
verwijzers overgedragen aan het college, voorzien van reeds ingewonnen
informatie en een advies inzake de aan – of afwezigheid van overwegende
bezwaren. Dit altijd met toestemming van de jeugdige en/of de
ouders.
Lid 3:
Een PGB wordt doorgaans versterkt voor een periode van maximaal één
jaar. In het geval dat een PGB voor een periode langer dan één jaar
wordt verstrekt, vindt de evaluatie, ten minste één keer per jaar
plaats.
Lid 4:
Bij de beoordeling van de aanvraag (het onderzoek) hanteert de consulent
jeugd het ‘Afwegingskader PGB jeugd’.