Het college kan een besluit, genomen op grond van deze
verordening, geheel of gedeeltelijk intrekken indien:
niet is voldaan aan de voorwaarden gesteld bij
of krachtens deze verordening;
op grond van gegevens beschikt is en gebleken is
dat de gegevens zodanig onjuist waren dat, waren
de juiste gegevens bekend geweest, een andere
beslissing zou zijn genomen;
de persoon op wie het besluit betrekking heeft,
niet de door het college op gevraagde al dan niet
schriftelijke gegevens en informatie compleet en
tijdig heeft verstrekt.
Een besluit tot verlening van een financiële
tegemoetkoming of een persoonsgebonden budget kan worden
ingetrokken indien blijkt dat de financiële
tegemoetkoming of het persoonsgebonden budget binnen zes
maanden na uitbetaling niet is aangewend voor de
bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening
heeft plaatsgevonden.
Een besluit tot verlening van een voorziening kan worden
ingetrokken indien op grond van enige andere wettelijke
regeling of enige privaat-rechtelijke overeenkomst of
verbintenis achteraf blijkt dat gelden met het oog op
die voorziening door de rechthebbende zijn
ontvangen.
HOOFDSTUK 7
Artikel 45
Intrekking van een voorziening
Onderdeel van Verordening houdende regels omtrent de Maatschappelijke Ondersteuning