Naar hoofdinhoud
1.. De cliënt is een bijdrage in de kosten van een maatwerkvoorziening verschuldigd, zolang hij van de maatwerkvoorziening in natura gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het PGB is toegekend. De bijdrage in kosten is verschuldigd overeenkomstig het bepaalde in het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 en is afhankelijk van het inkomen en vermogen van de cliënt en zijn eventuele echtgenoot. 2.. Indien een maatwerkvoorziening dan wel PGB wordt verstrekt ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige cliënt, is de bijdrage verschuldigd door: de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is afgewezen; en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt. 3.. In afwijking van het eerste en tweede lid kan het college nadere regels stellen in welke gevallen een bijdrage in de kosten van de maatwerkvoorziening dan wel PGB is verschuldigd en wat de omvang daarvan is. Dit met inachtneming van de regels van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. 4.. De bijdrage voor de opvang wordt geïnd door de aanbieder die de opvang biedt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel