Onder een beperkte financiële draagkracht als bedoeld in artikel 7.1 eerste lid van de verordening wordt verstaan:
een inkomen lager dan 120% van de toepasselijke bijstandsnorm als bedoeld in artikel 5 onder c van de Participatiewet zonder rekening te houden met kostendelende medebewoners als bedoeld in artikel 19a van die wet; en
een vermogen lager dan de toepasselijke vrijlating als bedoeld in artikel 34 derde lid van de Participatiewet waarbij de draagkrachtregels van de gemeentelijke beleidsregels worden toegepast.
HOOFDSTUK 4
Artikel 4.1