Naar hoofdinhoud
1.. Een toegewezen ligplaats is uitsluitend bestemd voor eigen gebruik; onderverhuring, ingebruikgeving aan derden of medegebruik is niet toegestaan. Ruiling van plaats is niet toegestaan, behoudens toestemming van de havenmeester. 2.. De vergunninghouder c.q. gebruiker van een ligplaats dient deze net, ordelijk en overeenkomstig de bestemming in te richten en te gebruiken. 3.. Gebruik van de kade of wal is niet toegestaan. 4.. De vergunninghouder is verplicht het vaartuig aan te sluiten op de van gemeentewege aangelegde voorzieningen, zoals elektriciteit en riolering. 5.. De vergunninghouder van een vaste ligplaats dient minimaal gedurende zes maanden per jaar gebruik te maken van de ligplaats. Indien de vergunninghouder hieraan niet voldoet, heeft het college de bevoegdheid de vergunning in te trekken dan wel niet te verlengen. 6.. Indien vergunninghouder zijn ligplaats gedurende een periode van een week of langer, om welke reden dan ook, niet zal gebruiken, moet dat vooraf gemeld worden aan de havenmeester. De havenmeester is gerechtigd om de betreffende ligplaats gedurende de betreffende periode toe te wijzen aan een ander. De vergunninghouder behoudt het recht gebruik te maken van de ligplaats gedurende de vergunningsperiode. 7.. Het is niet toegestaan: wijzigingen aan steigers, kaden e.d. aan te brengen; afval, olie, de inhoud van chemische toiletten of andere verontreinigingen te dumpen; toebehoren als masten, rondhout, meertouwen e.d. op de kaden te laten liggen; open vuur te ontsteken; overlast te veroorzaken.

Rechtspraak bij dit artikel