Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6 › Paragraaf 6.6

Artikel 47a.

Bijzondere bijstand gedetineerden

Onderdeel van Nadere regels sociaal domein Alphen aan den Rijn

1.. De persoon die rechtens zijn vrijheid is ontnomen, kan op grond van de individuele situatie gedurende een periode van maximaal 6 maanden, te rekenen vanaf aanvang detentie, in aanmerking komen voor bijzondere bijstand in de kosten van de huur, gas, elektriciteit, water en inboedelverzekering. 2.. Het eerste lid is niet van toepassing wanneer bij aanvang van de detentie duidelijk is dat de periode van vrijheidsbeneming langer zal duren dan 6 maanden. 3.. De gemeente betaalt de bijzondere bijstand rechtstreeks aan de verhuurder, verzekeraar en/of de leverancier van gas, elektriciteit en water. 4.. De bijzondere bijstand op grond van het eerste lid wordt verstrekt in de vorm van een geldlening en indien mogelijk in termijnen verrekend met de toe te kennen uitkering, dan wel teruggevorderd, zodra belanghebbende uit detentie is. 5.. Als belanghebbende over de periode genoemd in het eerste lid een huurtoeslag van de belastingdienst ontvangt, welke redelijkerwijs in deze periode niet voor de betaling van de huur kon worden aangewend, dan wordt de bijzondere bijstand tot het bedrag van de huurtoeslag zo mogelijk in één keer terugbetaald als aflossing van de leenbijstand.

Rechtspraak bij dit artikel