Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 4

Artikel 2.4.18

Verontreiniging door honden

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Zeist 2002

1.. De houder of verzorger van een hond en ook hij die een hond onder zijn hoede heeft, is verplicht ervoor te zorgen, dat de hond zich niet van zijn uitwerpselen ontdoet op een ander gedeelte van de weg dan een bij besluit van burgemeester en wethouders daartoe aangewezen plaats. 2.. De strafbaarheid wegens overtreding van het eerste lid gestelde gebod wordt opgeheven indien degene die de overtreding van dat gebod heeft begaan ervoor zorgt dat de uitwerpselen onmiddellijk worden verwijderd. 3.. De Gemeente Zeist verstrekt opruimzakjes ter verwijdering van de uitwerpselen. De houder of verzorger van een hond en ook hij die een hond onder zijn hoede heeft, is verplicht de door de gemeente verstrekte opruimzakjes of andere middelen bij zich te dragen 4.. Het bepaalde in het eerste, tweede en derde lid is niet van toepassing op visueel gehandicapten, die geleid worden door een geleidehond of de houder van een hond welke is opgeleid door de Stichting Sociale Honden voor Gehandicapten Nederland of door de Stichting Servicehonden voor Auditief of Motorisch Gehandicapten en aan de houder ter beschikking is gesteld in verband met een motorisch gebrek.

Rechtspraak bij dit artikel