Bij het opstellen van het ondersteuningsplan worden de voorwaarden in artikel 2.3.6, lid 2 sub a en c van de wet getoetst. Als resultaat hiervan wordt in het ondersteuningsplan een motivering opgenomen in hoeverre:
De burger op eigen kracht of met zijn sociaal netwerk of vertegenwoordiger de bij een pgb behorende taken en verplichtingen kan uitvoeren zoals bedoeld in artikel 2.3.6. lid 2 onder a, van de wet;
Een pgb leidt tot het door de burger gewenste resultaat, welke vorm van ondersteuning hierbij passend is en welke kwaliteitseisen gelden voor besteding van het pgb. Hulpmiddelen, woonvoorzieningen en woningaanpassingen moeten voldoen aan een programma van eisen. De kwaliteit van de ondersteuning wordt geborgd door inzet van voorzieningen die past bij de mate van kwetsbaarheid van de burger. Dit wordt in het ondersteuningsplan bepaald en vastgelegd.
HOOFDSTUK 3:
Artikel 13.
Voorwaarde persoonsgebonden budget (Pgb)
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Peel en Maas