Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
Parkeren: gedurende een aaneengesloten periode doen of laten staan
van een voertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en
gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen
dan wel het onmiddellijk laden of lossen van zaken, op binnen de
gemeente gelegen voor openbaar verkeer openstaande terreinen of
weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet als gevolg van een
wettelijk voorschrift is verboden;
Motorvoertuigen: hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV 1990
met inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel 1 onder ia
van het RVV 1990.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van parkeerbelasting 2017