Naar hoofdinhoud

Artikel 3.

Samenloop van boete en maatregelen op grond van de Wwb

Onderdeel van Boeteverordening Wet inburgering nieuwkomers 2005

1.. Indien de nieuwkomer voor de voorziening van de kosten van het bestaan is aangewezen op bijstand op grond van de Wwb, worden aan de verlening van de Wwb-uitkering tevens de navolgende voorwaarden verbonden: zich melden voor een inburgeringsonderzoek (artikel 2 Win); verlenen van medewerking aan het inburgeringsonderzoek (artikel 4, 4e lid Win); zich laten inschrijven bij een instelling voor het volgen van het educatieve programma (artikel 8 Win ); aanwezig zijn bij alle onderdelen van het voor hem vastgestelde educatieve programma (artikel 9, 1e lid Win); afleggen van een toets (artikel 10, 3e lid Win); verlenen van medewerking aan de overige onderdelen van het voor hem vastgestelde inburgeringsprogramma, zoals maatschappelijke begeleiding en doorgeleiding naar een scholingsinstituut of reïntegratiebedrijf (artikel 12, 1e lid Win). 2.. Indien de nieuwkomer periodieke bijstand o.g.v. de Wwb ontvangt en de in het eerste lid genoemde voorwaarden verwijtbaar niet nakomt, wordt voor deze gedraging een maatregel opgelegd o.g.v. art. 18 Wwb juncto de Afstemmingsverordening 2004-1 en blijft de oplegging van een bestuurlijke boete op grond van deze verordening achterwege. 3.. Indien toepassing moet worden gegeven aan het 2e lid vindt de maatregeloplegging Wwb, bij niet nakoming van de in het eerste lid onder a tot en met c genoemde voorwaarden, plaats op basis van artikel 6, sub e van de Afstemmingsverordening 2004-1. Als sprake is van het verwijtbaar niet nakomen van de in het eerste lid onder d tot en met e genoemde voorwaarden, wordt bij toepassing van het 2e lid de Wwb-maatregel gebaseerd op artikel 6, sub d van de Afstemmingsverordening 2004-1.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel