Naar hoofdinhoud

Artikel 1A

Voorwaarden bij evenementen

Onderdeel van Evenementenbeleid Waalre 2017

Vrije toegang tot terrein Bij calamiteiten moeten politie, brandweer en ambulance de locatie kunnen bereiken. Een vrije route met een minimale breedte van 3,50 meter en een vrije hoogte van 4,20 meter is daarvoor noodzakelijk. Vrijhouden van terreingedeelten Bluswatervoorzieningen worden volledig vrijgehouden en zijn voor onmiddellijk gebruik door de brandweer bereikbaar. Toegangen of uitgangen van naastgelegen gebouwen mogen niet worden versperd of belemmerd. Een tijdelijke inrichting (1) die een grotere oppervlakte heeft dan 50m2 moet op ten minste 5 meter afstand van opslagen en gebouwen worden geplaatst en ten minste 3,50 meter van erfscheidingen. Nooduitgangen en vluchtwegen Nooduitgangen en vluchtwegen zijn niet afgesloten en vrij van obstakels. De nooduitgangen draaien in de vluchtrichting open. Ook buiten de inrichting is de looproute vrij van obstakels. Bij gebruik van drang- en/of bouwhekken is bij ieder dranghek in de vluchtweg een beveiliger aanwezig. Deze drang- en/of bouwhekken zijn voorzien van wielen die in de vluchtrichting meedraaien. Schuif- en draaideuren worden niet als nooduitgang gebruikt. Nooduitgangen en vluchtwegen zijn ten minste 85 centimeter breed en 2,30 meter hoog. Deze voorwaarde is niet van toepassing op tenten. De totale uitgangsbreedte van alle nooduitgangen is berekend op het maximum aantal bezoekers: 90 personen per meter uitgangsbreedte met een minimale breedte van 85 centimeter. Elke nooduitgangsdeur waarop meer dan 100 bezoekers zijn aangewezen, heeft een panieksluiting of is vrij te openen. Vluchtrouteaanduiding en noodverlichting Vluchtroutes en nooduitgangen zijn met aanduidingen (pictogrammen) gemarkeerd. De pictogrammen voldoen aan de norm NEN 1414. (2) De vluchtrouteaanduidingen en noodverlichting zijn zodanig aangebracht dat deze voor iedereen altijd zichtbaar zijn (dus vrij van bijvoorbeeld stoffering, versiering en decor). Wordt een tijdelijke inrichting ’s avonds gebruikt, dan is in het publiekstoegankelijke gedeelte een verlichte nood- en vluchtrouteaanduiding aanwezig. Op het terrein en aan de (buiten)zijde van de (nood)uitgang is verlichting aanwezig. Zowel verlichte vluchtrouteaanduiding als noodverlichting moeten binnen 15 seconden na het uitvallen van de elektriciteit branden en ten minste 60 minuten (kunnen) blijven branden. Een (nood)stroomaggregaat bevindt zich buiten en op ten minste 5 meter van de tijdelijke inrichting. In een ruimte die tijdens het gebruik wordt verduisterd zijn zodanige voorzieningen getroffen dat tijdens de verduistering een redelijke oriëntatie mogelijk is. Brand- of explosiegevaar Verlengsnoeren zijn geheel afgerold. Kabels en snoeren die op de vloer liggen, zijn met goed hechtend kleefband vastgeplakt of met rubbermatten afgedekt zodat struikel- of valgevaar wordt voorkomen. Alleen gebruik van apparatuur en installaties met CE-markering is toegestaan. Gebruik van LPG is verboden. De gasslang is goedgekeurd en is niet langer dan 10 meter. De slang is niet uitgedroogd, onbeschadigd of ouder dan 5 jaar. Het gasreductieventiel is niet ouder dan 10 jaar. Gasslangen zijn met speciale slangklemmen aan gasflessen, kooktoestellen, barbecues etc. bevestigd. De werkvoorraad volle en lege gasflessen samen bedraagt per locatie niet meer dan 115 liter. Voor verwarming van de tijdelijke inrichting mag uitsluitend gebruik gemaakt worden van verwarmingsunits die CO-vrije lucht produceren. De verwarmingsunits staan buiten en op ten minste 3,50 meter afstand van de inrichting. Het gebruik van barbecues en ventwagens is alleen toegestaan wanneer deze zich op minimaal 5 meter afstand van de tijdelijke inrichting of gevel van een bouwwerk bevinden. Voor de directe omgeving mag geen brandgevaar ontstaan. Blustoestel In een tijdelijke inrichting of ventwagen, nabij een barbecue of op het terrein zijn blustoestellen (klasse A, B en C; zie label blustoestel) met een inhoud van ten minste 6 kilo blusstof aanwezig. Deze zijn voor onmiddellijk gebruik beschikbaar. Brandveiligheid tijdelijke inrichtingen Vloeren, wanden en daken van tenten of overkappingen mogen niet makkelijk ontvlambaar zijn. Dit voorkomt snelle uitbreiding en rookontwikkeling. Bij brand mogen geen druppels vrijkomen. Bij de aankleding/inrichting is het belangrijk rekening te houden met de brandveiligheid van de toegepaste materialen. Materialen zijn brandwerend en brandvertragend. Gordijnen en andere verticale aankleding zijn zelfdovend. Horizontale aankleding hangt minimaal 2,50 meter boven de vloer. Geluid De geluidsbelasting afkomstig van het evenement mag niet meer bedragen dan 70 dB(A), gemeten op 1,0 meter vóór de gevel van de dichtstbijzijnde woning op 1,5 meter hoogte. Geluidsmetingen worden uitgevoerd volgens de “Handleiding meten en rekenen industrielawaai”. Opstelling zitplaatsen en verdere inrichting Bij de berekening van de per persoon beschikbare vloeroppervlakte wordt uitgegaan van de vloeroppervlakte aan verblijfsruimte na aftrek van de oppervlakte van de inventaris. De inrichting van een ruimte is zodanig dat: voor elke persoon zonder zitplaats ten minste 0,25 m² vloeroppervlakte beschikbaar is; voor elke persoon met zitplaats ten minste 0,3 m² vloeroppervlakte beschikbaar is, indien geen inventaris kan verschuiven of omvallen als gevolg van gedrang; voor elke persoon met zitplaats ten minste 0,5 m² vloeroppervlakte beschikbaar is, indien inventaris kan verschuiven of omvallen als gevolg van gedrang. Bij in rijen opgestelde zitplaatsen is tussen de rijen een vrije ruimte aanwezig met een breedte van ten minste 0,4 meter. Deze vrije ruimte is bedoeld als loopruimte. Indien in een rij tussen de zitplaatsen een tafel is geplaatst, moet ook daarlangs een vrije ruimte aanwezig zijn van ten minste 0,4 meter breed. Een rij zitplaatsen die slechts aan één einde op een gangpad of uitgang uitkomt, heeft niet meer dan 8 zitplaatsen. Een rij zitplaatsen die aan beide einden op een gangpad of uitgang uitkomt, heeft maximaal: 16 zitplaatsen met een vrije ruimte die groter is dan 0,40 meter en de breedte van het gangpad of van de uitgang van ten minste 0,6 meter; 32 zitplaatsen met een vrije ruimte die groter is dan 0,45 meter en de breedte van het gangpad of van de uitgang ten minste 0,6 meter; 50 zitplaatsen met een vrije ruimte die groter is dan 0,45 meter en de breedte van het gangpad of van de uitgang ten minste 1,1 meter. Gangpaden tussen stands, kramen, schappen, podia en andere inrichtingselementen in een voor publiek toegankelijke ruimte zijn ten minste 1,1 meter breed. Verbod open vuur en vuurwerk Het gebruik van vuurwerk is verboden, tenzij hiervoor een vergunning is verkregen. Het is verboden in de open lucht vuur aan te leggen of te hebben, tenzij hiervoor een ontheffing is verkregen. Op eigen terrein en mits er geen sprake is van gevaar, overlast of hinder voor de omgeving, is het verbod niet van toepassing op: verlichting door middel van kaarsen, fakkels en dergelijke; sfeervuren zoals terrashaarden en vuurkorven, indien geen afvalstoffen worden verbrand; vuur voor koken, bakken en braden. Voorwaarden met betrekking tot (geneeskundige) hulpverlening en hygiëneEHBO en verantwoord gastheerschap Bij een evenement vanaf 1.000 gelijktijdige bezoekers zorgt de organisatie voor één EHBO-er per 1.000 gelijktijdig aanwezige bezoekers met een minimum van twee EHBO-ers. Bij een evenement tot 1.000 gelijktijdig aanwezige bezoekers maakt de organisatie zelf een inschatting of de preventieve aanwezigheid van EHBO gewenst is. Hierbij geldt het verantwoord gastheerschap: de organisator dient zelf te beoordelen of het evenement risico’s oplevert voor deelnemers of bezoekers in het algemeen en voor kwetsbare groepen zoals kleine kinderen en ouderen in het bijzonder. In afwijking hiervan: Dient bij een evenement met tussen 200 en 300 gelijktijdig aanwezige bezoekers minimaal één EHBO-er aanwezig te zijn; Dienen bij competitieve wandeltochten, marsen en loopwedstrijden met een maximum van 300 deelnemers, in afwijking van onder a, minimaal twee gecertificeerde EHBO-ers aanwezig te zijn. Geneeskundige hulp wordt geboden door hulpverleners van EHBO of Rode Kruis. Deze taak mag niet worden opgedragen aan BHV-ers of beveiligers. EHBO-ers mogen geen dubbelfunctie vervullen. Hulpverleners zijn als zodanig duidelijk herkenbaar. EHBO-ers kunnen een geldig diploma overleggen. Hygiënerichtlijnen Het Landelijk Centrum Hygiëne en Veiligheid heeft het document ’Hygiënerichtlijn voor Evenementen’ opgesteld. (3) De richtlijn is gericht op: hygiënisch handelen bij evenementen (persoonlijke hygiëne, afvalverwerking en legionellapreventie); schoonmaken en desinfecteren van materialen en oppervlakten; hygiëne bij voorzieningen (toiletten, (tijdelijke) drinkwatervoorziening, meerdaagse evenementen, kampeervoorzieningen, ter beschikking gestelde gebouwen, douche-, bad- en kleedruimtes, chemische toiletten, tijdelijke eetgelegenheden en medische zorg); hygiëne bij bepaalde activiteiten (wateractiviteiten, activiteiten met dieren, schuimparty’s, seksuele en erotische handelingen, tatoeëren en piercen). Deze richtlijn moet worden opgevolgd als sprake is van een of meerdere van bovenstaande aspecten. (4) Hierna volgt een beschrijving van de meest gebruikte en gangbare onderdelen uit deze richtlijn. Let op: een GGD-inspectie naar naleving van de ’Hygiënerichtlijn voor Evenementen’ behoort tot de mogelijkheden. De organisator moet aan deze inspectie zijn medewerking verlenen. De organisatie moet verder altijd de GGD op de hoogte stellen als er tijdens of door het evenement een ongewoon aantal bezoekers of medewerkers is met een besmettelijke ziekte. Het telefoonnummer van GGD Brabant-Zuidoost hiervoor is 088 0031 333. Toiletten Indien bij het evenement meer dan 200 gelijktijdig aanwezige bezoekers zijn, zijn er 2 toiletten per 150 gelijktijdig aanwezige bezoekers aanwezig. 75% van de herentoiletten mag vervangen worden door urinoirs, plaszuilen of plasgoten. Eén plaszuil geldt als vier urinoirs en 50 cm plasgoot geldt als één urinoir. De toiletten beschikken over goede verlichting, ventilatie openingen, toiletpapier en sanitair containers. Plaats een afvalbak in of direct naast de toiletruimten. Toiletruimten worden minimaal twee keer per dag huishoudelijk gereinigd. Voer het afvalwater van toiletten en wasbakken af via de bestaande riolering of vang dit op in daarvoor bestemde opslagtanks. Het is verboden om afvalwater te lozen in de bodem of oppervlaktewater. Tijdelijke drinkwatervoorziening De waterinstallatie voldoet aan de algemene NEN-voorschriften voor drinkwaterinstallaties (NEN 1600) en aan de aansluitvoorwaarden van het waterleidingbedrijf. Er is een apart document (het ‘waterwerkblad’) voor tijdelijke drinkwaterinstallaties. Afwijkingen zijn alleen toegestaan in overleg met het waterleidingbedrijf. De documenten zijn gratis te downloaden op www.onfodwi.nl. Aandachtspunten zijn: zorg dat het drinkwater aan het tappunt van drinkwaterkwaliteit is (en dus niet te warm bijvoorbeeld). zorg voor voldoende gratis drinkwater door tappunten te plaatsen of flesjes drinkwater te verstrekken bij dance-events, sportevenementen en bij temperaturen hoger dan 25ºC. Afvalverwijdering Afval wordt dagelijks of zo nodig meerdere keren per dag verzameld op één aparte plaats. Afval wordt opgeslagen in afsluitbare afvalcontainers. Afval wordt tijdig opgehaald zodat er geen afval rondom of buiten de afvalbakken hoeft te worden gedeponeerd. De tijdelijke stort- of overslagplaats wordt zodanig schoongehouden dat het geen ongedierte aantrekt. Glas wordt, in verband met veiligheid, separaat verzameld. Dit geldt ook voor ander afval dat een gevaar kan betekenen voor de bezoekers. Het evenemententerrein wordt na afloop van de festiviteiten schoon en obstakelvrij opgeleverd zoals het voor de festiviteiten is aangetroffen. Bij het reinigen van het evenemententerrein mogen geen grove bestanddelen zoals plastic bekertjes in de straatkolken gespoten of geveegd worden. Indien blijkt dat het terrein niet goed is gereinigd wordt dit door de gemeente gedaan en worden de kosten verhaald op de organisatie van het evenement. Sportevenementen Voor sportevenementen gelden richtlijnen voor (tijdelijke) kleedruimtes en douches. Er dient te worden uitgegaan van 1 m² verkleedruimte per persoon. Per 10 m² (10 verkleedplaatsen die tegelijkertijd worden gebruikt) is een douche beschikbaar. Deze ruimtes worden minimaal twee keer per dag huishoudelijk gereinigd. Tijdelijke water vernevelende installaties Vanwege gevaar voor legionellabesmetting is het ongewenst om bezoekers af te koelen door water te vernevelen. Kiest u hier toch voor, houdt dan rekening met het volgende: gebruik het draaiboek ‘Legionellapreventie bij publieksevenementen (5) en neem vooraf contact op met de GGD om de legionellapreventie te bespreken. in geval van een sportief evenement, win advies in bij de betreffende sportbond. Voor sommige sporten heeft vernevelen een negatief effect. zorg er voor dat bezoekers die niet door de verneveling willen lopen een andere route kunnen volgen. Tijdelijke kampeergelegenheid Wordt gebruik gemaakt van een grasveld waar gewoonlijk vee graast, dan moet het vee minstens twee weken voor het evenement plaats vindt ergens anders ondergebracht worden. Controleer het veld voorafgaand aan het evenement en verwijder de nog aanwezige uitwerpselen. Voor de bezoekers en deelnemers zijn op de kampeergelegenheid voldoende sanitaire voorzieningen. De norm hierbij is één toilet op 60 gelijktijdig aanwezige bezoekers. Alle overige onder ‘toiletten’ genoemde voorwaarden zijn ook hier van toepassing. Overnachten bezoekers in caravans en/of campers met een eigen chemisch toilet, dan moet er een stortplaats zijn voor het legen van de toiletten. De afvoer van de stortplaats is aangesloten op een gesloten afvoersysteem. In de onmiddellijke nabijheid van de stortplaats is een kraan. Deze kraan wordt alleen gebruikt voor het schoonmaken van de chemische toiletten. Extreem weer De organisatie dient het weerbeeld te monitoren en te registreren in de week voorafgaand aan het evenement tot en met de evenementdagen. Dit kan via de website van het KNMI www.knmi.nl. Op www.noodweercentrale.nl zijn de weerextremen per postcodegebied beschikbaar. Op basis van de voorspellingen en conform bijlage 1C ‘Checklist hitte bij evenementen’ neemt de organisatie voorzorgsmaatregelen. (Huis)dieren Indien tijdens het evenement in belangrijke mate (huis)dieren zijn betrokken, dient de organisator zich te houden aan de regels zoals opgenomen in de bijlage 1D ‘(Huis)dieren’. Voorwaarden met betrekking tot carbid schieten Er wordt gebruik gemaakt van melkbussen en/of dergelijke voorwerpen met een maximale omvang van 50 liter, met gebruikmaking van acetyleengas afkomstig van reactie tussen calciumacetylide (carbid) en water of gasmengsels met vergelijkbare eigenschappen. Er worden in totaal niet meer dan tien bussen gebruikt. De plaats vanwaar wordt geschoten is gelegen op een afstand: van tenminste 50 meter van openbare paden en/of wegen; van tenminste 75 meter van woonbebouwing; van tenminste 150 meter van inrichtingen van intramurale zorg; van tenminste 150 meter van bebouwing mede bedoeld en in gebruik voor het houden van dieren. Er mag uitsluitend geschoten worden in een richting die tegengesteld is aan de richting van de woonbebouwing. Het vrije schootsveld is minimaal 75 meter. Binnen het vrije schootsveld mogen geen openbare wegen of paden liggen. Organisator treft maatregelen om de veiligheid van degenen die deelnemen aan het afschieten van carbid alsmede van de eventuele toeschouwers te waarborgen. Organisator treft alle redelijkerwijs mogelijke maatregelen om te voorkomen dat de gemeente dan wel derden door het carbid schieten schade lijden. Voorwaarden met betrekking tot beeldschermen Beeldschermen dienen niet zichtbaar te zijn vanaf de openbare weg. De maximale bezetting op vrij vloeroppervlakte op open terrein is 2 personen per vierkante meter. De versiering moet minimaal 50 centimeter verwijderd zijn van spotjes, televisie en andere apparaten waarvan de oppervlaktetemperatuur kan oplopen. Plafondversiering dient buiten bereik van het publiek te hangen, oftewel ten minste op 2 ½ meter hoogte. Met brandbaar gas gevulde ballonnen zijn niet toegestaan. De organisator is zelf verantwoordelijk voor het verkrijgen van de benodigde toestemming voor het vertonen van de beelden. Het oplaten van ballonnen Het oplaten van meer dan 1000 ballonnen dient gemeld te worden aan de Luchtverkeersleiding van Eindhoven Airport minimaal 30 minuten ervoor via telefoonnummer 040-2896451. Aan het oplaten van de ballonnen worden de volgende eisen gesteld: de ballonnen mogen geen metalen delen bevatten de ballonnen mogen niet aan elkaar worden gebonden; alleen losse ballonnen, geen trossen afhankelijk van de windrichting op het moment van de telefonische melding kan de Luchtverkeersleiding besluiten dat de ballonnen niet mogen worden opgelaten. Terrein: Het is niet toegestaan objecten te bevestigen aan bomen en/of struiken. Voor het plaatsen van objecten mag geen steun worden gezocht lager dan de bestrating en/of gebruik worden gemaakt van straatmeubilair, verkeersborden en straatverlichting. Het is niet toegestaan zonder toestemming van de gemeente gebruik te maken van groenstroken, bermen of plantsoenen. Het bevestigen van aanwijzingsbordjes mag uitsluitend gebeuren met gebruik van geplastificeerd draad, lint, touw of elastiek. De aanwijzingsbordjes of linten dienen onmiddellijk na afloop van het evenement te worden verwijderd. Het is verboden voertuigen, kramen of tenten onder de kroonprojectie van bomen op te stellen. De lozing van afvalstoffen in en op de grond is verboden. De organisator is verplicht om medewerking te verlenen om de ondergrondse infrastructuur te bereiken aan een ieder die een zakelijk recht er op heeft of in opdracht van een dergelijke rechthebbende handelt. (Verkeers)veiligheid: Verkeersborden mogen niet zelfstandig worden verplaatst of verwijderd, dit geldt ook voor straatmeubilair. Indien er een weg wordt afgesloten, dient er te voldaan worden aan de richtlijnen van CROW96b. Hierbij moet in ieder geval gebruik mogen gemaakt van hekwerk. Het gebruik van linten is niet toegestaan. De organisator zet verkeersregelaars in voor zover dit redelijkerwijs vereist is om de (verkeers)veiligheid te waarborgen. Bij het regelen van het verkeer moeten professionele en/of gecertificeerde verkeersregelaars worden ingezet. De in te zetten verkeersregelaars dienen personen van ten minste 16 jaar oud te zijn. Evenementenverkeersregelaars die jonger zijn dan 18 jaar mogen bij de uitoefening van hun taak slechts ingezet worden op wegen waar niet sneller wordt gereden dan 50 km per uur en indien ter plaatse bij duisternis of slecht zicht voldoende openbare straatverlichting aanwezig is. Tijdens de uitoefening van hun taak dragen evenementenverkeersregelaars voor de duur van hun werkzaamheden een jas of hes. Deze jas of hes moet voldoen aan de omschrijving in bijlage 2 van de Regeling Verkeersregelaars 2009. Evenementenverkeersregelaars oefenen hun taak uit onder direct toezicht van de politie. De organisator is verantwoordelijk voor de schade die door de verkeersregelaars aan derden, in de uitoefening van zijn of haar werkzaamheden, is aangericht. Dit geldt ook voor eventuele schade die de verkeersregelaar ondervindt welke door derden is aangericht. Gedragsregels: De organisatie dient omwonenden binnen een straal van 100 meter en ook bewoners/gebruikers van panden, die direct grenzen aan en uitzicht hebben op de locatie van het evenement, te informeren over de te houden activiteiten. Alle aanwijzingen door politie, brandweer, GHOR of gemeente in het belang van de openbare orde en veiligheid, moeten door de organisatie en de deelnemers onmiddellijk en stipt worden opgevolgd. De organisatie is verantwoordelijk voor naleving en uitvoering van genoemde voorwaarden en is verder gehouden dat te doen of na te laten hetgeen redelijkerwijs gevergd kan worden om gevaar, schade of hinder voor de omgeving, goederen en/of personen te voorkomen dan wel in voldoende mate te beperken. Voor zover het evenement plaatsvindt op terrein dat in eigendom is van derden, is de organisator zelf verantwoordelijk voor het krijgen van privaatrechtelijke toestemming. Het voldoen aan deze voorwaarden ontslaat de organisatie niet van aansprakelijkheid voor schade ten gevolge van gebruikmaking van deze toestemming, noch tegenover de gemeente, noch tegenover derden. Evenementeindtijd: De eindtijd van het evenement is in de nacht van vrijdag op zaterdag en in de nacht van zaterdag op zondag om 01.00 uur, de overige dagen om 00.00 uur. Natuurgebied Voor zover een evenement plaatsvindt in het natuurgebied, mogen wandelaars enkel gebruik maken van de voor hen opengestelde wegen en paden. Deze zijn kenbaar middels openstellingsborden ter plaatse. Fietsers, mountainbikers en ruiters mogen enkel gebruik maken van de voor hen ter plaatse gemarkeerde routes. Een evenement mag niet tussen zonsondergang en zonsopgang in het natuur- of bosgebied plaatsvinden. Het is verboden om met motorrijtuigen en bromfietsen het natuur- of bosgebied te betreden. Wegen Op de wegen die in het blauw zijn aangegeven op de kaart zoals opgenomen in bijlage 1B ‘Wegenkaart’ mogen enkel evenementen plaatsvinden die zich verplaatsen zoals optochten en wandelingen. Een vaste afzetting van de wegen is verboden. Circus Een circusvoorstelling mag enkel plaatsvinden op de locatie ‘het Boerenbondterrein’. De diameter van een circustent mag maximaal 25 meter bedragen. Een circus mag maximaal 3 achtereenvolgende dagen een voorstelling geven. Een circusvoorstelling van dezelfde organisator, hieronder mede te verstaan: het circusbedrijf of de natuurlijke persoon onder wiens verantwoordelijkheid en/of leiding de voorstelling feitelijk wordt gegeven, mag niet meer dan 1 keer per kalenderjaar plaatsvinden. (1) Inrichting: een voor mensen toegankelijke ruimtelijk begrensde plaats voor zover die geen bouwwerk is (bijvoorbeeld een tijdelijke tent). (2) NEN-norm: een door de stichting Nederlands Normalisatie Instituut uitgegeven norm. Meer info over de in deze publicatie genoemde normen is te vinden op www.nen.nl. (3) Te vinden op de site van het RIVM (www.rivm.nl (4) Ook voor attracties en speeltoestellen is specifieke wettelijke regelgeving van toepassing (zie http://wetten.overheid.nl) [] (5) http://www.rivm.nl/cib/binaries/Legionellapreventie%20bij%20publieksevenementen%20sept%202008_tcm92-44376.pdf

Rechtspraak bij dit artikel