**1.** De burgemeester ontvangt een ambtstoelage voor aan de uitoefening van het ambt verbonden kosten die gelijk is aan het bedrag, vermeld in artikel 16 van het Rechtspositiebesluit burgemeester 1994.
**2.** De wethouder ontvangt een onkostenvergoeding voor overige aan de uitoefening van het ambt verbonden kosten die gelijk is aan het bedrag, vermeld in artikel 25, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit wethouders.
**3.** De wethouder van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt, ontvangt in afwijking van het tweede lid een onkostenvergoeding die gelijk is aan het bedrag, vermeld in artikel 25, tweede lid, van het Rechtspositiebesluit wethouders.
**4.** Indien de wethouder op grond van artikel 15 een mobiele telefoon in bruikleen ter beschikking is gesteld wordt de vergoeding in het tweede en derde lid met 9 procent verlaagd.
Artikel 2
Ambtstoelage of onkostenvergoeding
Onderdeel van Verordening voorzieningen burgemeester en wethouder 2005